Stof, swarte ierde, sinne, rein en wyn.
Vergezichten (May)
Mooi is het als je een heuvel op bent geklauterd je verrast wordt
door een adembenemend uitzicht. Dat gebeurde wel meer dan een
keer. Steeds weer genoten we van de vergezichten en van de
typische dorpsgezichten van Spanje en Portugal. Als er een kerk aan
de einder te zien was dan kon je er haast gif
op innemen, dat de Camino langs die kerk
liep. En vaak had die kerk ook een eigen
begraafplaats, een plek waar we meer dan
eens stilhielden en rondkeken. Ieder van ons
met zijn eigen gedachten.
In de dorpen met haar smalle weggetjes
stonden de ruïnes en bouwvallen naast de
mooie huizen, de meesten flink omheind.
Afbreken doen de Portugezen
niet snel. Misschien worden de
stenen hergebruikt als er toch
iemand beslist om er weer iets
van te maken.
Waar je ook kijkt, overal in
Portugal en ook wel in Spanje
zie je de prachtige azulejos. Een tegelzetter verdient hier
waarschijnlijk een goede boterham.
Soms liep onze
weg over het asfalt,
een pekweg. Maar
meestal was het
een brokkelige
stenige zandweg
die, als we bij een
dorp in de buurt
kwamen
veranderde in een
klinkerweg. Tot mijn
stomme verbazing
worden dit soort
wegen nog steeds
aangelegd. Steen
voor steen. Daaruit blijkt wel dat Portugezen geen haast hebben.
Waarom ook? En voor wie? Enkel voor
pelgrims? Ik weet het niet.
Lopen in zo’n omgeving gaat vanzelf. Zeker als daarbij de zon ook
nog schijnt. Steeds weer begon onze dag fris met een temperatuur
tussen de 7 en 9 graden Celsius. Gedurende de morgen liep de
temperatuur dan langzaam
op, en bereikte soms wel 25
graden. Meestal bleef het
kwik rond 23 graden hangen.
Geen regen, en weinig wind.
Ideaal wandelweer.
Toch waren we vaak blij als
er een windje aanwezig was
om ons wat verkoeling te
verschaffen.
Mijn Camino