De waarde van wandelen
Het Portugal avontuur (2024)
Pelgrimswandelingen naar Santiago de Compostela zijn vermoeiend. Aan het einde van een flinke
wandeldag heb je een douche en een bed nodig. En een mogelijkheid om de schamele kledingstukken
die je bij je hebt te kunnen wassen. Want een koffer kun je niet meeslepen, ook geen koffer op wieltjes.
Het terrein onder je voeten is nu eenmaal geen mooie gladde “pekweg”. En zonder kleren is wandelen
naar Santiago ook niet mogelijk. Ik ben nog nooit een nudist tijdens mijn wandeling tegen gekomen.
Pelgrims zoeken elke dag naar een kampeerplaats, een goedkoop hotel een B&B. Maar in de meeste
gevallen bivakkeren ze in een pelgrimsherberg. Dat is een plaats waar je een bed kunt krijgen en je
kunt douchen. En soms kun je er zelfs een eenvoudige maaltijd krijgen. Vaak moet je echter maar zien
hoe je aan eten komt. In de pelgrimsherberg bestaat wel de mogelijkheid om zelf je avondeten te
verzorgen. Vaak is dat spaghetti, simpel te bereiden en zo klaar. En als je geluk hebt mag je
meegenieten van het brouwsel van een andere pelgrim.
Het verblijf in zo’n pelgrimsherberg kost je een Donativo, dat is een zelf gekozen bedrag dat je betaalt
voor het douchen, het slapen en voor het gebruik van de wasmachine. Zo’n herberg kan wel 100
slaapplaatsen hebben, waarbij je slaapkamer een zaal vol met stapelbedden is. En je in slaap wordt
gewiegd door het gesnurk van andere pelgrims, mannen en vrouwen, priesters en nonnen, filmsterren,
putjesscheppers, ministers enz.
De dagelijkse werkzaamheden in die herbergen worden uitgevoerd door de Hospitalero en/of
Hospitalera. Dat zijn vrijwilligers die de pelgrim inschrijven, de Donativo ontvangen en het stapelbed
toewijzen. En als de pelgrims in alle vroegte weer vertrekken voor hun volgende etappe dan gaan deze
mensen aan de slag. Want niet alle pelgrims laten de keuken schoon achter. De bedden moeten
ontsmet worden, en de slaapzaal moet weer begaanbaar zijn. De douches en de wc’s krijgen een extra
behandeling. Maar vooral moet het toiletpapier aangevuld worden. Want elke pelgrim heeft nog wel
plekje vrij in zijn of haar rugzak voor een goede schoonmaakbeurt tijdens een natuurstop.
Mijn vriend en zijn vrouw zijn zulke vrijwilligers, hospitalero ’s die hun
vrije tijd opofferen om pelgrims een goede slaapplaats te “geven”. De
vergoeding die ze krijgen is een bed om te slapen. Meer niet.
Hospitalero’ s die na hun schoonmaakactiviteiten net nog tijd hebben
om zelf te eten. En daarna staan ze weer klaar om de volgende
aanstormende pelgrims van een slaapplaats te voorzien.
En ik mocht met ze mee naar de
herberg in Pedro de Rates om
hospitalero te spelen. Om te mogen ondervinden hoe het is om de
verhalen van pelgrims uit Spanje, Rusland, Australië of Brabant aan
te horen. Hoe het is om bedden te ontsmetten en wc’s schoon te
maken. Nou die taak ging me soepel af. Het is maar goed dat er
hospitalero’s zijn. In Pedro de Rates hebben de vrijwillige
hospitalero’s in het weekend vrijaf. Dan wordt het werk overgenomen
door een club van mannen en vrouwen die bij toebeurt een
weekendje draaien als beheerder van de herberg. En als er geen
vrijwilligers zijn dan zal de club ook de weektaken moeten
overnemen.
In Pedro de Rates bestaat die club uit óngeveer dertig personen,
mannen en vrouwen in de leeftijd van twintig tot zeventig jaar.
Allemaal wandelaars die zelf ook regelmatig stukken van de diverse
camino’s bewandelen. Tijdens mijn verblijf in de herberg bestond de
herberg twintig jaar. Natuurlijk een feit dat niet ongemerkt voorbij kon
gaan. Dat begon, onder aanwezigheid van clubleden, met het
plaatsen van een nieuw uithang-vaandel voor de ingang van de
herberg. Daarna was het natuurlijk feestvieren in de herberg. De
hooischuur op het erf van de herberg werd ingericht als feestzaal, en
allerlei drank werd naar binnen gezeuld. De keuken van de herberg
werd gebruikt om een feestmaal te bereiden. En nagenoeg elk clublid
bracht een zelfgemaakte (of gekochte) lekkernij mee. Genoeg eten en drinken om feest te vieren.
Daarbij werden de pelgrims, die toevallig die feestdag aanwezig waren niet vergeten. Ook zij mochten
deelnemen aan de feestvreugde.