© Made by Wino 2019 (all rights reserved)
Zevendorpentocht Tholen
09 juli 2005
k had al vaker gehoord van deze wandeling, en nu woonde ik dichtbij. Dus vroeg opstaan, en op
weg naar Oud Vossemeer. Ik kreeg er geen spijt van.
De wandeling is altijd in het weekend van de IARU contest, een wedstrijd voor zendamateurs. Dus
stond ik voor een dillemma, of deze contest, of de Zevendorpentocht op het voormalige eiland
Tholen. Ik besloot voor de wandeling, en om kwart voor zeven was ik op weg. Via de Oesterdam
en wat binnendoor weggetjes kwam ik in Oud Vossemeer aan. De overal geparkeerde auto's
maakte me duidelijk dat ik mijn auto maar beter aan het begin van het dorp kon parkeren. Later
bleek dat de straten inderdaad waren afgezet. Verkeersregelaars bepaalden of je met de auto het
dorp in mocht of niet. Na 1 kilometer gewandeld te hebben vond ik achter cafe hof van Holland,
het startbureau.Ik moest wel een rondje om de kerk maken. Op internet had ik gelezen dat de start
in de Raadhuisstraat zou zijn.
Normaal was de inschrijving het dorpshuis "De Vossekuil", maar die was niet beschikbaar. Het
duurde even voordat ik doorhad dat de inschrijving achter het cafe "Hof van Holland" moest
gebeuren. Daar was een tent opgesteld. De inschrijving vond ik erg rommelig. Na het betalen van
3 Euro werd de controlekaart voorzien van een St. Jansstappers sticker, en kon ik de helft van de
kaart meenemen. De andere helft verdween in een ton. Daarna kreeg ik de 40 km
routebeschrijving. Die zag er echt professioneel uit, gedrukt in het dorp zelf.
Het was de zeventiende keer dat de wandeling werd georganiseerd door WSC Vosmeer. Dit was
niet op de routebeschrijving te lezen, wel dat op 8 juli 2006 de 18e Zevendorpentocht zou
plaatsvinden. Er waren een record aantal deelnemers stond later in de krant, 2070, verdeeld over
589 (50 km), 358 (40 km), 682 (30 km), 241 (15 km), 155 (10 km) en 45 deelnemers op de 5 km.
Hiervan bleken 352 wandelaars in de buurt te wonen, waarvan 103 uit Oud Vossemeer zelf. Er
waren 71 buitenlanders, 67 Belgen, 2 Duitsers en 2 Canadezen.
Met mijn GPS hield ik de afgelegde weg bij, helaas was de ontvangst van de drie noodzakelijke
satellieten niet altijd aanwezig. Tholen ligt voor wat topegrafische kaarten betreft niet al te gunstig.
Je hebt minstens 3 kaarten nodig voor alle zeven dorpen (schaal 1:50000), terwijl de 1:25000
kaarten zelfs 5 kaarten omvat. De eerste paar honderd meter ging de route door een
nieuwbouwwijk. Op mijn oude stafkaarten van de omgeving was nog een boomgaard aangegeven.
Na het oversteken van de Hiksedijk ging het noord-west door de Hikke-polder. Op de kruising van
de Hikseweg en de Kreekweg ging het linksaf over de dijk. De Hikse kreek was ook aan de
linkerkant van de weg te vinden. Ik begon nu lekker te lopen, de mist was verdwenen, en het
zonnetje probeerde door te breken.
De route was gepeild met witte pijlen, de routebeschrijving die gedrukt was beschreef de af te
leggen weg maar voor een zeer groot deel. Op de Broekse Dijk was de eerste rustplaats, deze
werd na 5.1 km bereikt. Daarna ging het door richting west via de Priestermeetpolder. Het was nog
maar 1.9 km toto Sint Annaland, maar dit dorp was niet (net als Stavenisse) in de 40 km route
opgenomen. De 50 km lopers gingen door via de Oude Zeedijk, en de 40 km lopers (ook ik dus)
gingen linksaf de Kleinedijk op, richting Sint Maartensdijk (Smerdiek). Het was heerlijk lopen over
die Tholense dijken. Even stoppen bij de rustplaats op de Mallandseweg leverde een stuk
peperkoek, met boter op.
De ondersteuning door de WSC Vosmeer was goed, na ongeveer 5 kilometer was een wel een
wagen-rust te vinden. Soep, water, frisdrank, peperkoek, een appel en zelfs een stuk watermeloen
werd ter verfrissing aangeboden. Toiletten waren echter nauwelijks te vinden. Wellicht dat dat de
reden was dat ik plotseling een groep dames, die voor me liepen zag stoppen. Even later
verdwenen twee dames in het maisveld. Althans, ze probeerden voor de andere dames de grote
verdwijntruck. Ze hadden niet in de gaten dat de weg een flinke bocht maakte, waardoor de
verdwijntruck gedeeltelijk mislukte, waardoor de achterkant van de dames nog goed zichtbaar
was.
Het eerste dorp dat door de 40-km wandelaars werd aangedaan was Sint Maartensdijk. De oude
kern van het dorp was aangewezen als rust, waarbij cafe Smerdiek op de markt was uitgekozen.
De wandeling ging verder richting haven, en daan langs en door "De Pluimpot", een
natuurreservaat dat was ontstaan na het droogleggen van de Smerdiekse haven. Een fijn rustig
plekje. Na de Pluimpot was een controlepost te vinden en werd mijn kaart voor de eerste keer
voorzien van een stempel. Waarom we daarna over een camping gestuurd werden was me niet
duidelijk. Ik vond het nogal verwarrend.
Het camping-stukje duurde maar even, en via de Hartog weg ging het richting oost. Terug naar
waar we vandaan gekomen waren. Via de Westkerkseweg werd het buurtsachap Westkerke
bezocht, te klein om in aanmerking te komen als dorp. Scherpenisse was wel een van de zeven
dorpen, 2 kilometer verderop. In de kerkstraat was weer een rustplaats te vinden. De
routebeschrijving gaf aan dat er al 20.1 km gewandeld was. We zaten halverwege.
Via de Bakkerstraat en Bakkersdijk ging het verder naar het oosten. De route kruiste de provinciale
weg N286 weer, waarna deze weg werd gevolgd richting oost tot in dorp drie, Poortvliet. Bij de
ingang van het dorp, aan de rotone, stond een politieagent te kijken of de wandelaars zich wel
gedroegen. Het behoorlijk druk in cafe Tolrust, elke deelnemer kreeg daar een lekker bolusje.
Voordat ik die opsmulde werd eerst gebruik gemaakt van het toilet, en werd de watervoorraad
aangevuld.
Na de Boluspauze sjokte ik achter 3 wandelaars aan die de route blijkbaar goed kenden. Maar vijf
minuten later merkte ik al dat het verkeerd ging. De lopers woonden blijkbaar in Poortvliet, en
maakten een pauze in hun eigen huis. Ik kon twee dingen doen, teruggaan of verdergaan en
proberen weer op de officiele route te komen. Ik koos voor de alternatieve route, en weer vijf
minuten later stak ik de Paasdijkweg over en zat ik weer op tour. Vlak voor de oversteek kwam me
een ambulance wagen tegemoet. Ik schrok hiervan ik had hem niet zien (en horen) aankomen).
Aleweer een wagenrust, deze keer op de Tichelaarsweg bij "De Lente". Hier stond een stuk
watermeloen op de menu-lijst. Het was niet druk, ik kon zelfs een van de weinige stoelen
gebruiken om het lekker stuk rode traktatie te verorberen. Toen de drukte toenam vervolgde ik
weer mijn wandeling. Ik liep nu alleen, voor en achter me waren geen wandelaars te zien. Even
later, op de Watervlietsedijk volgde de afsplitsing van sw 30 km route. Die wandelaars moesten
linksaf de Puitsedik op. Zij gingen niet naar Tholen het volgende dorp op de route voor mij. Ik
moest rechtdoor blijven lopen, over de Vrouwendijk.
Weer volgde een wandeling over het fietspad van de N286, die ter plaatse de naam Postweg en
Nieuwe Postweg had. Vijfhonderd meter na de splitsing met de N659 (Oesterdamroute) hield het
fietspad langs de Nieuwe Postweg op. Even linksaf de Eeweg op, en daarna over het erf van
Boerderij Lugtenburg. De route ging verder door de Bomenlaan, een eigen weg van 300 meter die
inderdaad door een laantje van bomen liep. Een mooi stukje van de Zevendorpenwandeling.
Daarna ging het linksaf en bereikten we de nieuwbouw van Tholen. Door de pijlen op het wegdek
te volgen werd de kantine van voetbalclub "Tholense Boys" bereikt.
Nu zat 31.2 km erop, nog maar een klein stukje. In de kantine was ook de volgende controle-post
te vinden. De tweede en tevens laatste controlepost van de 40 km route. Tijdens de korte rust op
het terras van de kantine, dronk ik mijn flesje limonade leeg. De rustplaats-versnapering, een
appel, stopte ik weg voor later. En daarna begonnen voor mij de laatste kilometers, met een
bezoek aan het oude deel van Tholen.
De witte molen was goed zichtbaar, en via de vele pijlen op de weg werd de veste overgestoken,
en werd Tholen-centrum bereikt. Het wandelpad langs het oude deel was weer een van die mooie
stukjes van deze Zeeuwse wandeltocht. Via de oude haven ging het verder, dwars door het
centrum richting noord-west. Via de Molenvlietsestraat en de Molenvlietsedijk wandelde ik Tholen
uit. Nog een dorp was er te gaan. Oud-Vossemeer zelf.
Een wandelaar die ik inhaalde was druk bezig de bloedsomloop van zijn opgezwollen handen te
regelen. Ik haalde steeds meer wandelaars in, ook lopers van andere afstanden liepen over
hetzelfde stuk van de route. Bij een bocht in de Nieuwlandse dijk kwamen ook een aantal
wandelaars me tegemoet. Dit waren waarschijnlijk 30 km wandelaars die net als ik in die bocht de
dijk af gestuurd werden. De route liep nu door een boomgaard van fam. van Dijk. Hier was de
laatste rustplaats te vinden. Volgens de routebeschrijving was het nog maar 200 meter tot de
finish. Dat was een foutje, dat moest 1.9 km zijn.
Na een korte rust begon ik aan het laatste stuk. Linksaf ging het, over de lange Molenweg. De
wandelaars die ik passeerde kwamen bekend voor. Ik was ze eerder op de dag ook al eens
voorbijgegaan. Ik raakte in gesprek met een van de dames van de groep. Ze liepen de 30 km
route, als training voor de Vierdaagse van Nijmegen. De dame vertelde me dat ze vijf jaar geleden
was begonnen met wandelen, nadat ze thuis voor haar zoon had gezorgd. Die was ongeneeslijk
ziek (Leukamie), en na haar mantelzorg, was ze met wandelen begonnen. behalve deze overleden
zoon had ze nog 3 kinderen. Ik vroeg haar wat ze als antwoord zou geven op de vraag "hoveel
kinderen heb je". "Drie als ik geen lastige vragen wil beantwoorden, en vier als ik wel over mijn
overleden zoon wil praten" kreeg ik als antwoord. "Maar" zei ze erbij, "dat vertel ik niet aan
iedereen". Toen vroeg ik haar waarom ze wel met een wildvreemde, zoals ik, over haar zoon wilde
praten. "Dat voel ik gewoon" was het simpele antwoord.
"Nou ik zeg altijd twee op die vraag" gaf ik haar als antwoord. Het was haar meteen duidelijk dat ik
ook ouder van een overleden kind was. We bleven met elkaar praten tot in de straten van Oud
Vossemeer. En na haar veel plezier in de Vierdaagse te hebben toegewenst verdween ik in de
drukte van Oud Vossemeer. Die drukte was er niet voor het binnenhalen van de wandelaars, maar
voor het bezoeken van de braderie en de kermis.
De aankomst was een anticlimax. De controlekaart werd ingeleverd en dat was dat. De kater
verergerde nog toen ik wat geld spendeerde aan een herinnerings-medaille. Geen inscriptie, geen
aanduiding dat de medaille voor een geslaagde Zevendorpentocht was, niets.. De kater werd nog
groter.
Het was ongeveer 1 km terug lopen naar de auto, waarbij ik veel wandelaars passseeerde. Die
moesten nog naar de finish toe. Toch was het een mooie dag geweest. Een wandeling die ik best
nog eens wil lopen. maar dan wel alle zeven dorpen langs..