© Made by Wino 2019 All rights reserved)
Dag drie, Regen en Pratsj
19 november 2024
Het slechte weer veranderde
vandaag. Niet beter, maar het
werd nog slechter. Met zelfs een
echte storm. De bladeren die
nog op de bomen zaten werden
vakkundig verwijderd.
De derde dag waren de
weersvoorspellingen nog
slechter. Storm op komst met
nog meer regen. We hadden al besloten Valkenburg als doel te
kiezen, en er was een bezoek aan het mijnmuseum gepland. De
auto werd op een grote parkeerplaats tegenover de mijningang
neergezet. De slagbomen stonden omhoog, en het houten keetje
bij de slagboom was gesloten.
De Bilt had blijkbaar niet gelogen, het
regende niet, het goot. Het was veel ter
vroeg voor het bezoek aan de mijn, dus
wandelstokken gepakt en er werd
begonnen met het volgen van een
wandelpad. De wandelstokken waren
nodig om ons overeind te houden op
het soms wel erg glibberige pad.
De ‘berg’die we beklommen bleek de
Cauberg te zijn. Boven op de berg
hadden we weer twee mogelijkheden,
afdalen van de Cauberg of oversteken
en verder te wandelen via het park. Er
was genoeg tijd over dus werd het
afdalen via de paden aan de andere
kant van de Cauberg.
Bekendgebied voor mij, want in het verleden had ik haast elk jaar
meegewandeld in Limburgse Driedaagse Wandeling (30-40-30
kilometer). De derde dag van deze wandeling ging altijd van
Heerlen naar Valkenburg en weer terug.
Zelfs de terrassen in de binnenstad nodigden niet uit tot het drinken
van een kopje koffie. Het water liep in stromen van de zonweringen.
Dus maar vanuit het centrum van de stad de berg op, richting
Wilhelminatoren en maar weer afdalen naar de Cauberg en verder
lopen naar de Daalhemerweg naar het mijnmuseum.
Er was nog tijd genoeg om nog een flinke klim te doen boven het
gebied waar het mijnverleden wordt tentoongesteld. De wandeling
eindigde twintig meter van de parkeerplaats waar nu wel de
slagboom gesloten was. Tien euro moesten we betalen als we de
parkeerplaats zouden verlaten. Maar dat gebeurde pas nadat we
onze lunch hadden verorberd en na het bezoek aan het
Mijnmuseum Valkenburg (entree 15 Euro).
Het museum was een herhaling van de dingen die ik allemaal wist.
Het was niet de eerste keer dat ik dit stukje historie bezocht. “Wits
te noch koempel”, “voele piemele”, “boeteren en poekelen” waren
bekende kreten voor mij. Het bezoek bracht mijn periode als
volontair op de staatsmijn Wilhelmina, in 1962, in herinnering. Toen
had ik bij de bovengrondse meetafdeling kennis mogen maken met
de communicatie apparatuur die ondergronds gebruikt werd. En
met meetapparatuur welke bovengronds gebruikt werd voor de
verdere verwerking van de ruwe kool. Zoals een apparaat dat de
hoogte regelde van het transportband waarmee kool in wagons
werd verladen. Of dat apparaat waarmee met Röntgenstraling de
kwaliteit van eierkool werd gemeten.
Bij dat volontairwerk hoorde ook een dagje ondergronds, met een
berzoek aan een wandelende peiler op een diepte van duizend
meter. Die dag zal ik nooit vergeten. Ik hoor nog de knallen van
dhet gewelf als de mijnwerkenr (houwer) een ijzeren steun (schtiel),
gebruikt om te voorkomen dat het gewelf zou instorten, losmaakte
om deze dichter bij de kolenschaaf te plaatsen. Waarna soms het
gewelf achter ons ook daadwerkeijk instorte.
Ik was de enige van de ongeveer 15 bezoekers die vragen stelde
aan de gids (ex mijnwerrker)
Na het bezoek aan de mijn was de
wandeldag ten einde. Er was nu tijd voor
een bezoekje aan mijn oudste broer en
zijn vrouw in Heerlen. Maar voordat we
daar een paar uurtjes doorbrachten
(schoenen uit bij de deur natuurlijk) werd
nog een bezoekje gebracht aan de beste
bakker in Klimmen. Daar kochten we een
heerlijke Limburgse vlaai die, samen met
broer een schoonzus, werd opgepeuzeld.
s’Avonds, na het avondeten bleef ik
achter in de eetzaal waar een artiest
dansmuziek ten gehore bracht. Joshua
was al verdwenen naar kamer negen. De borrelnoten en het bier
smaakte prima. Tot ik genoeg bier ophad en ook de slaapkamer
opzocht.
Alweer een dag voorbij, en wat voor een dag. Zoveel regen, maar
toch hadden we twee ‘bergen’ beklommen. De Cauberg en de
Daalhemerberg. Maar die stonden niet vernoemd in de de
wandelgids ”Dutch Mountain Trail”. Dus geen afturven van de
Seven Summits lijst.