Stof, swarte ierde, sinne, rein en wyn.
Wad 06 - Rondje Valkenswaard
We zijn een van de eersten die zich melden bij
Will in restaurant de Taamvenhoeve. We hadden
ook ingeschreven voor de wandeltocht rond de
pelgrimshoeve Kafarnaüm in Vessem op zondag 4 maart. Maar griep
was een spelbreker voor mij maar ook voor May.
We zijn te gast bij de afdeling Zuidoost Brabant van het Sint Jacobs
Genootschap. Precies om half elf begint onze groep van 24 personen
aan de wandeling.
Het natuurgebied waar we doorheen wandelen heef de mooie naam
‘De Malpie’. Eigenaar is de gemeente Valkenswaard, een klein
stukje is van Natuurmonumenten. De sluiting van de Limburgse
mijnen is de oorzaak dat het voormalige productiebos langzaamaan
is veranderd in wat het nu is. Natuurgrenspark ‘De Groote Heide, De
Malpie’.
Ik mis de bourdon. Will, onze gids van vandaag, geeft als verklaring;
‘vergeten’. De wandelpaden zijn regelmatig geblokkeerd door
omgevallen dennen. De opruimingsdienst van gemeente
Valkenswaard heeft wat achterstallig onderhoud, denk ik. We
kunnen echter makkelijk langs de obstakels onze weg door dit mooie
gebied vervolgen.
Regelmatig stopt de groep bij een
splitsing van wegen. Op de plek
vinden we weer het bekende
wegwijzer-paaltje met al die
nummer er op. Vandaag verloopt
de wandeling volgens een vast
patroon. Van knooppunt naar
knooppunt. Verdwalen kunnen we
dus niet. Drie wandelaars, twee
‘jonge’ meiden en een stevig klein
mannetje, gebruiken stokken om
zich voort te bewegen. Het stevige kleine mannetje lijkt sprekend op
de Amerikaanse ‘comedian’ Mickey Rooney. Regelmatig klinkt een
schaterlach over de Malpiebergse heide. Het is de kleinste van de
twee meiden. ‘Juffrouw Lachebek’.
Een wandelaar heeft een klein
hondje bij zich. Regelmatig mag
het beestje vrij rond lopen en loopt
dan driftig mee in ons gezelschap.
Geen enkele keer loopt hij (of zij)
iemand voor de voeten. Bij een
watermolen worden we staande
gehouden door Gus, de neef van
Donald Duck. Het dier is absoluut
niet bang voor ons. We genieten
een minuutje van de show van
Gus.
Om half een arriveren we bij onze pleisterplaats, restaurant ‘De
Woeste Hoeve’. We worden verwacht. Een vrolijke ober wijst ons de
weg naar een ruimte speciaal voor ons gereserveerd. Er ligt al bestek
klaar, een uitnodiging om iets meer te bestellen dan de gratis
consumptie van de organiserende afdeling. Het gevolg is merkbaar,
ons gezelschap maakt er een gezellige lunch van.
Precies om half twee zijn we weer aan de wandel. We moeten een
stukje teruglopen om weer op de wandelroute te komen. Ook nu is de
mooie natuur weer onze gastheer. Regelmatig verschijnt een waterig
zonnetje. De regen blijft gelukkig weg.
We lopen door het dorpje Schaft.
Opvallend is de bouwstijl van de
huizen. Of zijn het misschien
boerderijen? Ik weet het niet. Dat
zoeken we wel op na de wandeling.
Ik begin een gesprek met de twee
‘jonge’ meiden, Eva en Elianne. Ze
gaan in september de Camino
doen. Lekker op het gemakje. En
na hun Camino blijven ze nog even
in Spanje voor een weekje niks doen. Juffrouw Lachebek -Elianne-
blijf haar vrolijke lach ten gehore brengen.
Een boer heeft een deel van ons wandelpad bij zijn wei betrokken.
We moeten onder de draden van een afrastering door kruipen. De
paarden in de wei tonen geen enkele belangstelling voor ons. Iets
verder verspert schrikdraad de weg terug naar het wandelpad. De
draad is, met de nodige voorzichtigheid, eenvoudig los te maken
zodat we veilig verder kunnen wandelen.
Ik zie iets bekends in het landschap. Een grenspaal. Verhipt, we zijn
in België. Ik moet om een sloot heen lopen om bij de grenspaal te
komen. Ik maak een paar foto’s van de grenspaal, en sluit me weer
aan bij de groep. Niet veel later staan we voor een lang gebouw. Het
blijkt de Sint Benedictusabdij te zijn. De Belgische abdij staat beter
bekend als de ‘Achelse Kluis’. Nooit van gehoord, dat zoeken we
straks weer op. De monniken brouwen daar nog hun ‘Achels
trappistenbier’. Ik zie een aantal mensen met bierkratten sjouwen.
Het stevige kleine mannetje weet
in de abdijwinkel een stempel te
bemachtigen en begint buiten met
stempelwerk. Ook mijn pas wordt
door ‘Mickey’ afgestempeld.
Vroeger kon je bij de monniken je
stempel halen. Nu niet meer. Er
zijn nog naar twee monniken over.
En die hebben wel wat anders te
doen dan stempelen. Bier
brouwen bijvoorbeeld.
We verlaten de abdij en België en beginnen aan de laatste kilometers
van de wandeling. Terug naar de start, waar we nog genieten van
een glas Cola. Alweer is een ‘Santiago aan het Wad’ wandeling ten
einde. En er is geen druppel regen gevallen.
Op de terugweg gaan we nog even langs bij onze vrienden in Goirle.
Ervaren pelgrims. Dit jaar gaan ze voor de twee- en twintigste keer
op weg naar Santiago de Compostela. Ik wist niet dat die plaats zo
moeilijk te vinden is.
Mijn Camino