Verteld door Ronald, Stuy, PA3EWP in ELECTRON (juli 2017) bewerkt door PA0ABM Waar gaan we heen Rond juli 2016 zijn we gaan kijken wat de mogelijkheden waren om begin 2017 een ander land te activeren in de Pacific. We gokken nooit op één locatie; we hadden drie bestemmingen en zijn gaan onderzoeken wat mogelijk was. Al redelijk snel kwamen we tot een zeer interessante bestemming: Pitcairn Hoe kom je daar? Pitcairn is alleen te benaderen met een boot. Hier vaart een bevoorradingsschip elke drie maanden naar toe. Het was voor mij uitgesloten om drie maanden vrij te nemen, maar het schema was begin 2017 vele malen gunstiger. Het schip voer dan namelijk binnen drie weken drie keer vanaf Mangareva Frans-Polynesië naar Pitcairn. Nadat we het een en ander hadden nagevraagd hadden we de mogelijkheid om met het eerste schip naar Pitcairn te gaan en met het laatste schip weer terug naar Mangareva. Onze keuze was hierdoor snel gemaakt; of dit in de toekomst ook nog mogelijk is is niet zeker. Dus onze keuze werd Pitcairn activeren in achttien dagen. Hotels hebben ze niet op Pitcairn. Je verblijft altijd bij mensen thuis. Onze keuze was gevallen op dezelfde locatie waar in 2012 ook een groep amateurs onder de call VP6T actief was. De locatie is zeer geschikt: boven op een heuvel met bijna 360 graden vrij zicht. Eerst werd contact opgenomen met twee operators van VP6T voor meer informatie. Alles was positief. We hebben een algemene call aangevraagd, VP6EU, binnen twee weken was die bevestigd. Het team was ook snel compleet: Hans DL6JGN (teamleider), Uwe DJ9HX, Ernö DK2AMM en Ronald PA3EWP. De boot vertrekt altijd vanaf Mangareva. Om op Mangareva te komen vlieg je vanuit Tahiti met een binnenlandse vlucht van vier uur naar Mangareva. Deze vlucht gaat maar een keer per week; hierop is ook het schema van het vrachtschip Claymore lII afgestemd. Het is een klein vliegtuigje waar ongeveer 40 passagiers in kunnen. Ook de bagage was hierdoor beperkt: 23 kg check-in en max 5 kg handbagage. Dit was een grote uitdaging. Men kon ons ook niet garanderen dat we veel meer mee konden nemen. We hebben hierdoor besloten om twee kratten met antenne-materialen vooraf te versturen. Deze kratten moesten begin januari in Nieuw-Zeeland zijn om geladen te worden in de Claymore II. Dit was geen probleem, we hebben ongeveer 120 kg vooruit verzonden. De kratten zouden aan boord zijn als wij ook aan boord zouden gaan in Mangareva. De Claymore li is van dezelfde eigenaar als de Braveheart. Veel bemanningsleden zijn in het verleden al vaker met zendamateurs op DXpeditie geweest. Het blijft een klein wereldje. Historie. Pitcairn is een van de meest afgelegen bewoonde eilanden van de wereld. Op het eiland wonen nu ongeveer 50 mensen. De bewoners zijn nazaten van de muiters van de Bounty. ln 1790 heeft de bemanning van de Bounty het schip overgenomen en de kapitein en een paar andere bemanningsleden overboord gezet. Daarna zijn ze doorgevaren naar Tahiti, Frans-Polynesië. Hier hebben ze eten, drinken en vrouwen aan boord genomen. Toen zijn ze doorgevaren naar Pitcairn. Hier hebben ze zich gevestigd. Om bewijsmateriaal te verdoezelen hebben ze het schip de Bounty voor de kust in brand gestoken. Met twee korte onderbrekingen heeft het nageslacht van de Bounty altijd op Pitcairn gewoond. Ze zijn twee keer met z'n allen verhuisd in verband met gebrek aan drinkwater. Veel materialen van vroeger zijn nog op het eiland of in musea ergens op de wereld. Heel interessant om de verhalen van de mensen te horen. Het is één grote familie, iedereen kent iedereen en staat altijd voor elkaar klaar. Via internet en YouTube is veel te vinden over het leven op Pitcairn van toen en nu. Of er over een paar jaar nog mensen wonen op Pitcairn weet niemand. 11 februari was het zover: met vier man vertrokken we vanuit Frankfurt via Los Angeles naar Frans- Polynesië. Tot zover ging alles goed, echter bij aankomst op Tahiti bleek de koffer van Hans verdwenen te zijn. Deze stond waarschijnlijk nog in LA. Er was een kans dat deze 's morgens met een vlucht om 05.00 uur aan zou komen of eventueel aan het eind van de volgende dag. Gelukkig hadden we een dag extra in Tahiti. Die nacht hebben we slecht geslapen en verschillende scenario's doorgenomen wat we moesten doen als de koffer niet aan zou komen. De volgende dag om 09.00 uur zijn we naar het vliegveld gegaan om te informeren of de koffer aanwezig was. Toen we bij het kantoor kwamen zagen we de koffer staan; dit was een hele opluchting voor ons allemaal. Zo zie je dat een extra dag belangrijk is om dit soort problemen op te vangen. Dinsdag 14 februari om 06.00 uur moesten we op het vliegveld zijn voor onze vlucht naar Mangareva. We hadden toch nog een paar kg bagage te veel; hiervoor moesten we na wat onderhandelen nog maar een klein bedrag bijbetalen. Na een vlucht van vier uur zijn we aangekomen op Mangareva. We gingen met een ferry naar het hoofdeiland waar de Claymore li afgemeerd lag te wachten op ons. 's Middags om 17.00 uur vertrokken we richting Pitcairn. Dit is een reis van iets meer dan 30 uur. Donderdagnacht om 02.00 uur lagen we voor de baai van Pitcairn. Rond 08.00 uur werden we door de lokale bevolking opgehaald met hun 'longboat'. Er is namelijk geen haven waar schepen kunnen aanmeren. We zijn daarna door Andy, onze gastheer, naar zijn huis gebracht. Alle transport op het eiland gaat met behulp van quads. Onze kisten hadden we toen nog niet, die moesten eerst uitgeladen worden. Eind van de dag zouden deze beschikbaar zijn. We hebben eerst buiten een plan gemaakt waar alle antennes kwamen te staan. Daarna zijn we de shack gaan inrichten. Nadat we klaar waren hebben we een tijdelijke dipool opgehangen voor 17m, zodat we de eerste QSO's konden maken. De lage dipool werkte uit de kunst. Eind van de middag kwam Andy de twee kisten brengen. We zijn toen gelijk begonnen om voor de eerste nacht minimaal twee antennes gereed te hebben. We hadden een grote uitdaging: we hadden zeker windkracht 8. De eerste multiband verticaal kregen we niet geïnstalleerd door de sterke wind. Deze fibermast is gebroken tijdens het opzetten. De toplast was te zwaar. We hebben toen bes loten om verder te gaan met single band verticalen. We hadden hiervoor voldoende glasvezel mastjes bij ons. De eerste nacht waren we beperkt actief met de antennes. De volgende ochtend zijn we gelijk gestart met de installatie van de andere verticale antennes, de Hexbeam voor 6m tot 20m en de 80m­verticaal. De 80m-verticaal deed het perfect. Hier lagen minimaal twintig radialen onder met de kortste tien meter, maar de meeste waren twintig meter lang. We kregen de eerste nacht mooie rapporten vanuit Europa; we waren zeer verbaasd over de werking. Dit omdat we zonder ontvangstantenne werkten We hadden op het eiland spanning tussen ongeveer 06.00 uur en 22.00 uur. De spanning op het gehele eiland werd daarna uitgeschakeld. Wij gebruikten toen een generator die geregeld was door onze gastheer Andy. Hierdoor kon de ORM van het eiland alleen veroorzaakt worden door onze generator, ons huis of door onze eigen apparatuur. Storingen hadden we gelukkig niet. Tijdens het eerste weekend hebben we nog bezoek gehad van Mel W8MV. Hij was ook op de boot en is na drie dagen weer vertrokken. Tijdens de tweede nacht kregen we problemen met de generator. Deze was te heet geworden doordat de slang van het koelwater te warm was geworden en geknikt. Na een snelle reparatie van de slang konden we de generator weer gebruiken. Maar de schade was zo groot dat de generator na een uur er definitief mee stopte. Hierdoor zijn we een paar uur niet actief geweest. ln de loop van de dag heeft Andy een generator geregeld van een andere bewoner op het eiland. De volgende dag hebben we de 160m inverted-L (achttien meter verticaal met behulp van een Spider- mastje en 22 meter horizontaal) neergezet inclusief de beverage. De beverage was niet veel langer dan 100 meter; dit was de limiet, we konden deze niet veel langer maken door de begroeiing. Deels liep deze over de weg, maar we hebben deze hier iets hoger gezet met twee bamboestokken, zodat de quads er onderdoor konden rijden. Maar hij stond wel richting Europa en Noord-Amerika. De verticaal voor 160m hebben we zo ver mogelijk weg gezet, maar wel zo dat we nog voldoende radialen konden neerleggen van behoorlijke lengte. We hebben zeker 1000 meter radialen onder de verticaal neergelegd die varieerden van tien meter tot 40 meter lang. Sommige aluminium radialen liepen over de weg, maar deze hebben we met grote nieten vastgemaakt en de coaxkabel hebben we ingegraven zodat de quads zonder problemen konden blijven rijden tot Andy's huis. Alle vervoer op het eiland gaat met behulp van quads. We hebben hier ook gebruik van gemaakt. We moesten hiervoor echter wel een examen afleggen. Nadat we voor de theorie waren geslaagd (twaalf vragen <inclusief antwoorden>), volgde een praktijkexamen. Daarna kregen we ons rijbewijs voor een scooter van de enige politieagent op het eiland. Dit is ook geldig op Ducie (je weet maar nooit waar dat nog goed voor kan zijn). De derde nacht werkte de nieuwe generator perfect, maar de ORM op 160m was S6. Het was onmogelijk om OSO's te maken op 160m. Op 80m was het geen probleem. We moesten echter luisteren op de zendantenne, want de beverage werkte niet optimaal op 80m. Richting EU/NA was wel een voorkeursrichting, maar de signalen waren vele malen zwakker tot niet hoorbaar vergeleken met de verticaal. Eind van de nacht waren er problemen met de generator. Deze generator verloor heel veel olie, waardoor we weer moesten stoppen. Gelukkig niet voor lang, want vrij snel werd de spanning op het eiland weer aangezet. De daaropvolgende dag heeft Andy een derde generator geregeld voor ons. (Persoonlijk was ik zeer blij want dan kon ik mogelijk wel 160m doen zonder ORM). Overdag hebben we alle banden zoveel mogelijk benut; we kregen te horen dat we heel hard waren. De Hexbeam stond richting EU/NA en is tijdens ons verblijf ook niet meer van richting veranderd. De Hexbeam was in de meeste gevallen harder dan de verticaal, behalve op 10 m en 12m - hier won de verticale dipool. Tijdens de volgende nacht heb ik ook via het internet een connectie gemaakt via de lowband chat page van ON4KST om te zien en horen of ik te horen was in EU op 160m. Voor mij was dit een nieuw experiment; ik was in het verleden wel vaker actief, maar nooit vanuit de Pacific met als hoofddoel EU. De beverage werkte duidelijk niet, maar de verticaal was redelijk rustig. Al vrij snel werkte ik de eerste Europeanen op 160m. De nieuwe generator stoorde niet op deze band. De eerste nacht heb ik 27 Europeanen gewerkt. Vanaf dat moment heb ik me bijna volledig gefocust op 160m voor Europa. Gelijktijdig communicatie via ON4KST maakt het een stuk eenvoudiger, maar het OSO moet voor mij nog steeds gerealiseerd worden via de normale weg. Als ik geen bevestiging ontvang van het OSO is het niet compleet en wordt het station niet gelogd; dit is voor mij een gouden regei op alle banden. De generator heeft een paar dagen gedraaid voordat deze vervangen werd door Andy. De generator was namelijk niet krachtig genoeg om zijn volledige huis te voorzien van spanning. En hij maakte ontzettend veel herrie. De vierde generator werd aangesloten, waardoor zijn volledige huis op spanning bleef. Gelukkig bleef het bier hierdoor ook op temperatuur. Overdag werden vele OSO's gelogd. We probeerden altijd de band te activeren waar Europa het best te werken was. We zijn niet voor niets zelf ook Europeanen. Per dag maakten we gemiddeld 2000 OSO's, waarvan zeker 30% Europa was. Elke avond en nacht waren we op 30m CW actief. Het andere station switchte tussen de andere banden. Was 30m niet meer bruikbaar dan gingen we uiteraard naar andere banden. Sommige nachten was er maar één band open gedurende een uur of twee. We hadden gemiddeld twee stations actief en soms ook drie stations. De hoofdradio's waren Elecraft K3 en als reserve de Elecraft K2. We gebruikten een SPE Expert 1.3K eindtrap en een homemade eindtrap van 600 watt. Als je op zo'n speciaal eiland bent wil je utteraard ook voldoende zien. Het eiland is klein en als er maar 50 man, waarvan 34 originele Pitcairners, wonen ben je snel uitgekeken. Maar we hebben ons best gedaan om alles te bekijken en te doen wat mogelijk was. Hierdoor was er overdag maar één station actief. Het blijft voor ons ook nog steeds vakantie. Al wordt dat door anderen geheel anders gezien, die vragen vaak de meest onmogelijke dingen. Ze begrijpen nog steeds niet dat je maar met vier man daar bent met twee stations en ook nog moet eten, slapen en gigantisch moet investeren. We hebben uiteraard het radiostation bezocht op het eiland: dit was een commercieel station, niet meer actief. Vanaf dit station was vroeger ook VP6PAC actief. Dit is het geregistreerde club-station binnen de IARU. Op het eiland zijn nog twee amateurs. Dit zijn Meralda VP6MW en Dave VP6DB. Beiden zijn niet meer actief. Meralda heeft geen radio en Dave heeft geen antenne meer. Indien je nog op een QSL-kaart wacht van VP6PAC, dan kan het nog wel even duren. ln het radiostation standen twee grote dozen met heel veel nog niet beantwoorde QSL­kaarten. De kans dat je nog een kaart krijgt is heel klein. Dave heeft ons nog geholpen met een eindtrap nadat onze homemade eindtrap kapot is gegaan. We kregen zijn FL-2100 in gebruik. Die stond al jaren niet gebruikt op de plank. 400 watt was het maximale dat we konden maken, maar altijd beter dan 100 watt. Af en toe werd je weer wakker gemaakt door de eindtrap als er intern ergens een hoogfrequent overslag was. (Zelfs een noise canceling head­set kon de harde knal niet tegenhouden!) We kregen van Andy te horen dat de dinsdag voor ons vertrek op zondag onze kisten weer in een container geladen moesten worden, en verzegeld door de douane. Dit was een tegenvaller want dan misten we bijna het gehele antennepark. Na wat onderhandelen hoorden we dat ze uiterlijk woensdag, eind van de middag, aanwezig moesten zijn. We hebben toen besloten om vele materialen achter te laten op het eiland om zo toch tot de laatste dag bijna alle banden te kunnen activeren. De volgende antennes hebben we toen afgebroken en weer in de kisten geplaatst: de Hexbeam, 160m verticaal, twee glasvezel­mastjes van twaalf meter, veel gereedschap, RX-splitter, ontvangst-bandfilters 40m, 80m en 160m van de firma Stockcorner en de KD9SV voorversterker voor 80m/160m. Tevens hebben we de kapotte homemade eindtrap in de kist geplaatst, een paar honderd meter coaxkabel en nog wat ander klein materiaal. We hebben daarna voor 10m en 12m een dipool opgehangen, bevestigd aan het huis. We hebben voor Dave een complete antenne achtergelaten, zodat hij actief kan zijn op 40m. We wilden deze nog installeren voor hem op de laatste dag, maar dat was niet nodig. De antenne bestaat uit een verticale dipool, een twaalf meter glasvezelmast met alle hulpmaterialen om deze op te zetten, inclusief 50 meter coax. We hopen dat Dave weer snel actief wordt zodat meerderen VP6 kunnen werken. We hebben in het clubstation ook nog twee 10m-glasvezelmastjes, een 12m en een 18m mast (gesponsord door EUDXF) achtergelaten, en tegen Dave gezegd dat deze gebruikt mogen worden.Tevens hebben we 1,6 km aluminium draad voor beverage en/of radialen achtergelaten. Het multi/multi station VP6T (2012) heeft ook nog honderden meters radialen achtergelaten waar wij ook gebruik van hebben gemaakt om meer radialen onder de 160m-verticaal te leggen. Onze host Andy heeft een volledig overzicht van de achtergelaten materialen. Elke nacht ben ik op 160m actief geweest. Je maakt tijdens deze periodes niet veel QSO's, maar kwalitatief zijn deze wel waardevol. lk merkte dat er te weinig Japanners in het log waren, dus hier heb ik me de laatste dagen op gericht. Tevens kreeg ik via e-mail verzoeken van Russen, UA4's, om ook 's morgens het lange pad te proberen. De afstand naar UA4 is ongeveer 19.000 km. De laatste nacht heb ik twee UA4's gewerkt via LP, en ook op de valreep Nodir EY8MM. Vele Japanners zijn ook gelogd op 160m. Maar mijn gouden regel blijft bestaan: als ik geen bevestiging krijg dan log ik geen QSO's. Vele stations op 160m heb ik minutenlang aangeroepen maar geen bevestiging ontvangen - jammer, maar dan ben je niet in het log. lk geef niet snel op als ik een call heb gehoord, maar soms moet je verder gaan. ln totaal heb ik 673 QSO's gelogd op 160m, waarvan 246 Europeanen. We hebben tien Nederlanders en tien Belgen gelogd op 160m. Voor de meesten was het een nieuw land op 160m. ln totaal hebben we 39.034 QSO's gelogd in achttien dagen. Het team bestond uit vier operators, maar we mogen Andy zeker niet vergeten als vijfde lid. Hij was voor ons goud waard. Zonder hem waren we niet tot dit resultaat gekomen. Zondag 5 maart was het tijd om het gehele station verder op te ruimen. We zijn tot rond het middaguur doorgegaan met één station. Dit was het weekend van de ARRL DX SSB contest. Tijdens deze contest hebben we veel QSO's gemaakt, maar we hebben iedereen gewerkt die ons aanriep, niet alleen Amerikanen en Canadezen. Rond 15.00 uur zijn we naar het 'landing point' gegaan om een uur later met de long­boat te vertrekken naar de Claymore II die ongeveer een km verder aan de andere kant van het eiland lag in verband met de hoge golven. Nadat alles was ingeladen zijn we rond 16.30 uur vertrokken nadat we afscheid hadden genomen van de laatste Pitcairners. Een reis van ruim 30 uur hadden we voor de boeg. De reis was minder plezierig dan de heenreis maar gaf verder geen problemen. Dinsdagochtend rond 02.00 uur lagen we aan de kade in Mangareva. Rond 10.30 uur vertrokken we met een kleine ferry naar het andere eiland, waar het vliegveld zieh bevond. Rond 17.OO uur waren we weer in ons hotel in Papeete. We zijn nog twee dagen op Tahiti geweest en hebben daar nog een eiland-tour gemaakt en een safari door de krater van de vulkaan. Donderdagavond om 23.55 uur zijn we weer via LA naar Frankfurt gevlogen. Mijn reis ging nog even verder naar Amsterdam nadat we het een en ander hadden overgepakt. Uiteindelijk was ik eind zaterdagmiddag thuis, na een reis van vier weken. Tijdens de terugreis hebben we enkele mogelijke nieuwe bestemmingen voor 2018 besproken; de komende maanden gaan we hieraan werken. (Nee, geen Ducie, dat is net een paar km te ver voor ons. Maar op dat eiland is mijn Pitcairn rijbewijs wel geldig, nu alleen nog een verhuurbedrijf zoeken.) Pitcairn: een eiland om nooit meer te vergeten. A man should keep his friendship in constant repair (Samuel Johnson (1755).

Pitcairn, een van de meest geïsoleerde eilanden op aarde

Verzamelde bandpunten van PA0ABM
Mangareva eiland Mangareva is het hoofdeiland van de Gambiereilanden in Frans- Polynesië. Ook de hoofdplaats van deze eilandengroep Rikitea ligt op het hoofdeiland. Via de Luchthaven Totegegie op Mangareva zijn de Gambiereilanden en de Pitcairneilanden met Tahiti en de rest van de wereld verbonden De bootverbinding tussen Mangareva en de Pitcairneilanden is de enige reguliere manier om als passagier deze laatste eilandengroep te bereiken.
De 15m en 20m vertical De reis van Mangareva naar Pitcair met de Claymore II duurde 32 uur. De afstand vanaf Pitcairn naar Amsterdam is 15000 km De VP6EU operators; Erno-DK2AMM, Ronald-PA3EWP, Hans-DL6JGN en Uwe-DJ9HX Ronald bij de landingsplaats Ronald in de Pile-Up, up, up, gesponsord o.a door de EUDXF Inpakken voor de terugreis QSLs bestemd voor VP6PAC, onbeantwoord.. St. Paul's Pool, het enige zwembad op Pitcairn. Meralda Warren, VP6MW Vervoer vanaf de Claymore II, met Longboats
Clublog Alle QSOs zijn geuploaded naar LoTW en naar Clublog. Als je wilt weten wie allemaal in het log staat kan je een bezoekje brengen aan clublog Klik maar op deze link